Water is een van de belangrijkste natuurelementen waar we op een verantwoorde manier mee om moeten gaan. In mijn werkzame leven was ik op verschillende manieren betrokken bij water(veiligheid). In deze blog kijk ik terug op deze periode en kijk ik ook alvast vooruit naar mijn nieuwe rol bij het Waterschap Brabantse Delta. Vanaf augustus 2025 voeg ik namelijk een nieuwe water-dimensie toe aan mijn carrière.

Als chemisch ingenieur zag ik water in eerste instantie als een transportmodus waarover (gevaarlijke) goederen worden vervoerd. In Nederland heb ik meegewerkt aan diverse nautische risicoanalyses waarbij aanvaringscenario’s met complexe (simulatie-)modellen werden doorgerekend; zoals de LNG aanlanding in de Rotterdamse haven en LPG en ammoniakvervoer over de Westerschelde naar Antwerpen. Doel was om te bepalen wat het mensrisico op land is, omdat aanvaringen naast milieugevolgen ook grote gevolgen kunnen hebben voor mensen op land (denk aan hittestraling door brand, drukeffecten door explosie of het inademen van zich verspreidende giftige stoffen).

Voor diverse Seveso-bedrijven heb ik ook milieurisicoanalyses (MRA) gemaakt in mijn rol als safety advisor. Daarbij ging het om het beoordelen van negatieve milieueffecten die kunnen optreden in het oppervlaktewater als door calamiteiten op land watergevaarlijke stoffen in het water terecht komen. Het doorrekenen van afstroomroutes, ook voor situaties waarbij bluswaterinzet plaats vindt, gaf mij inzicht in het belang van effectieve maatregelen om vervuiling van oppervlaktewater te voorkomen. De brand bij Chemiepack in Moerdijk in 2011 maakte duidelijk wat de gevolgen zijn als vervuilende stoffen (en bluswater) in sloten terecht komen en welke saneringsinspanningen nodig zijn om dit te herstellen. Dit incident maakte voor mij ook duidelijk dat zowel bedrijven als overheidsinstanties een grote verantwoordelijkheid hebben om dit soort rampen te voorkomen.

Als SHEQ-verantwoordelijke voor Seveso-locaties was ik de afgelopen jaren medeverantwoordelijk voor het afvalwaterbeleid. Dat ging in eerste instantie over het verkrijgen van een passende watervergunning, en vervolgens het borgen dat de afvalwaterlozingen naar het oppervlaktewater binnen de gestelde lozingseisen plaats vonden. En dat bij afwijkingen de juiste vervolgacties werden ingezet (melden, onderzoeken, corrigeren). Ik heb ook de druk ervaren die (steeds hevigere) regenbuien leggen op de capaciteiten van riolerings- en afvalwaterverwerkingssystemen, die vaak al tientallen jaren geleden zijn aangelegd. Omdat operationele afwijkingen en ongewenste lekkages nooit helemaal zijn uit te sluiten, en er dus altijd een risico is op onvoorziene lozingen, is adequate monitoring op afvalwaterstromen essentieel.

Vanaf augustus 2025 zet ik me in om voor het Waterschap Brabantse Delta toezicht te houden op hoe Seveso-bedrijven in Noord-Brabant en Zeeland hun verantwoordelijkheid invullen om verontreiniging van het oppervlaktewater door onvoorziene lozingen te voorkomen. Met mijn eerdere ervaring wil ik deze rol zo invullen dat waterkwaliteit optimaal beschermd wordt, door een hoog milieubewustzijn bij de betrokken spelers in combinatie met passende en aantoonbaar betrouwbare technische en organisatorische maatregelen. Water is een te belangrijk natuurelement om onverantwoord mee om te gaan. Laten we elkaar scherp houden en zorgen dat we vooral kunnen genieten van schoon en veilig water in ons mooie landje.